SCHATGRAVEN

Langs een kordon gevormd door amechtig neergezakte fauteuils, die na jaren trouwe dienst opgepoetst bedelen om een tweede leven, loop ik naar mijn doel. De volgeperste planken met boeken die niet meer nodig waren, soms omdat de koper ervan is overleden en de erfgenamen van die stofnesten af wilden, nog een geluk  dat ze niet in de oudpapier container zijn terecht gekomen, maar ook wel dat ze gewoon in de opruiming zijn gesneuveld. Ja, sinds de maandelijkse teruggave van het in het verleden ingehouden inkomen serieus van waarde is verschoten moet ik toch andere wegen zoeken om mijn verslaving te blijven financieren. Dankzij ook het, terechte vasthouden aan een vaste boekenprijs kan ik nog maar mondjesmaat mijn verlangens stillen met het kopen van nieuwe, vers ruikende boeken. Dus... dan maar de kringloopwinkel.

Het is eigenlijk een soort van schatgraven in een dwarsdoorsnede van het leesgedrag van de vmedemens, nou... daar ga je geen vrolijk liedje van fluiten. Maar soms gaat er een echte lezer dood, mijn brood, en staan er echte schatten  tussen de vele thrillers en de werken van Konsalik op de planken en kan je de winkel verlaten met een stapeltje boeken die vaak de gaten vullen in je leesverleden. Maar.. vooral is het spannend, als goud zoeken in Alaska.

Deze dag erg tevreden, heb er vier boekjes tussenuit gevist waar ik best blij mee ben en de man met het kapsel van een warrige tegenwind, die min of meer de kassa bemande, mompelde... doe maar twee euro. Dat is dus erg weinig voor wat ik heb, een boek met een bloemlezing uit het werk van Gerrit Achterberg "voorbij de laatste stad" zo'n 120 gedichten met een essay van Paul Rodenko. Op de achterkant van de ooievaarpocket staat een foto van beide heren, rokend toen was je nog geen man als je niet roken kan, 1955 en netjes in het pak met das. De gedichten zijn ontzettend goed, een voorbeeld;

Bruidegom

 

De weg is ochtendlicht. Mijn fiets rijdt snel

almaar hetzelfde grijs in. Achter mij

volgt een loodrechte muur van mist.

Ik ben een donkre sleuf door deze verse

zalen van jong metaal, dat bruist

met zachte zeeën in mijn oren, sleep

een diepe reep verrassing door die stille

bruidschat der morgen. Zie de bruidegom komt.

 

Mooi toch... ben er blij mee. Volgende ook een dichtbundel "De noodzakelijke Engel"van J.Bernlef uit 1990, gewoon goeie gedichten. Het derde boekje is Het Leven volgens Lau Tse, de uitgave is van 1992 maar hij leefde rond 600 voor Christus, als je het leest herken je er veel in van de mindfullness zoals we die nu beoefenen;

Het bestaan kent geen grenzen,

pastniet binnen woorden;

en, hoewel het je voorkomt

als een houtje in je hand,

waarin je leuk kan snijden,

is het niet slechts een speeltje

waar je even mee speelt.

 

Boekje vier was "Scottisch Songs" 44 stuks met ook de muziek uitgeschreven, kon ik echte niet laten liggen, het bracht weer herinneringen naar boven aan het bezoek een paar jaar geleden aan Edinburgh om onder meer op Murrayfield de Rugbywedstrijd Scotland vs Ierland te zien. Vooral na de, als altijd zinderende wedstrijd toen de menigte in Schots Navy Blue en Irish Green langzaam de stad overstroomde en alle pubs vulden, Blauw en Groen door elkaar. Dat is heel gewoon bij Rugby, geen ME of zoiets en de ruiten zitten er ook al jaren in. Na een aantal glazen Gordon's bier niet schuimend, daar doen ze niet aan je betaald voor bier toch...? En een bordje Haggis, begint er altijd wel iemand te zingen en al snel is de pub omgevormd tot een koor met alle traditionele songs op het repertoire... schitterend. Veel van deze songs zijn geschreven door Robert Burns ( 1759 - 1796 ) een nog steeds geliefd dichter in Schotland. Het bekendst is Auld Lang Syne;

Should auld acquaitance be forgot

and never brought to Mind?

Should auld acquaitance be forgot

And days o'lang .... syne?

 

For auld lang syne my dear,

for auld lang syne;

We'll tak'a cup o'kindness yet,

for old lang syne

 

En dat dus voor schamele twee euro, na het afrekenen ging ik bijna zwevend naar de uitgang, totdat ik plotseling in het voorbijgaan een echte gietijzeren poffertjesplaat zag, zo,n ouderwetse... die kon ik niet latten liggen, tenslotte  gaan lekkere dingen en poëzie heel goed samen. Weer terug naar de kassa dus en voor twee euro vijftig was ik de gelukkige eigenaar. Wel even sjouwen want die dingen zijn loodzwaar maar dat moet je er voor over hebben. Heb nog een heerlijk recept voor wat andere maar erg lekkere poffers;

Doe in een schaal een bakje Ricotta, wat peper en zout, een ei en 1 eetlepel bloem. Roer er wat Parmenzaan door, je kan als variatie ook blauwe kaas proberen. Verder wat rasp van de buitenkant van een citroenschil, voorzichtig dat je niet het wit meeneemt want dat is minder lekker. Roer alles goed doorelkaar en schep het in de inmiddels verhitte en ingeoliede poffertjesplaat, even goed opletten en tijdig omdraaien. Heb je geen plaat kan je ze ook als beignets bakken in de koekenpan. Met een groene salade een prima vegetarische maaltijd.

Eet smakelijk en vergeet niet af en toe even een rondje door de kringloopwinkel te maken, ook de aarde zal je er dankbaar voor zijn...

Een historische vertelling......

 

Toen we nog niet over geluk spraken had ik een kolenhok vol met woorden. Het was in die tijd dat we allemaal aan het aardgas gingen en Groningen nog met een prettige bolling boven de horizon uitstak.

Dus daar zaten we ineens met een leeg kolenhok, wat moet je daar nu mee? In die tijd schreef ik af en toe nog weleens een gedicht en dacht dat het misschien wel handig zou zijn hiervoor wat materiaal in voorraad te heben. Na zo hier en daar wat te hebben geïnformeerd en bladeren in het telefoonboek, heb ik gebeld met de firma Dikke van Dale en zonen en ja.... die konden wel leveren en nog wel onder gunstige voorwaarden ook. Binnen een paar dagen reed er een vrachtauto voor die het hok propvol stortte.

Gekozen had ik voor woorden, losse letters waren wel wat voordeliger maar tenslotte dient het gemak de mens, toch...? Ook kon je wel hele zinnen kopen maar hoewel de verleiding best groot was heb ik dat toch maar niet gedaan, het gaat dan toch teveel lijken op instant dichten en dat was toen nog helemaal niet geaccepteerd. Alleen de surrealistische dichters experimenteerden er wel mee, maar dat bleek toch niet meer dan een windvlaag in de tijd. En je weet natuurlijk ook niet wat ze in zo een kant en klaar product aan minder goede stoffen hebben toegevoegd.

Zo een kolenhok vol met woorden is toch wel een prettig gevoel. Als ik wilde dichten schepte ik een emmertje vol, strooide dat uit over tafel en begon ze in een mooie volgorde te leggen.

 

Geluk is nu nog gewoon

we praten er dus niet over

 

Laatst in mijn droom zag ik

een toekomst waarin ook geluk

niet meer vanzelfsprekend is

maar als kans wordt aangereikt

door de bolwangige heraut

van de postcode loterij.

 

Liefde is ook gelimiteerd

en heeft zijn bladeren

troosteloos laten vallen.

 

Berplaatsen voor verdriet

kan je huren....

er is geen ruimte

in jezelf.

 

Vervaagd is het vuur

aslade's zijn uitgestrooid.

 

Deze vertelling is oorspronkelijk uitgegen door de historische uitgeverij "De Trompetterende Olifant". En je moet ons toestemming vragen als je dit wilt vermenigvuldigen.

 

Disclaimer; elke gedachte of daad die je bij het kennisnemen van de publicaties van "De Trompetterende Olifant" opdoet of uitvoert is uitsluitend de verantwoordelijkheid van jezelf. Je mag ze wel met ons delen.